Maurice gewond

De ochtend begint vroeg voor Karin. Net als elke ochtend staat zij ook nu, ditmaal om kwart over negen, weer als eerste op. Willem is de tweede. Pas een kwartier later. Met zijn ogen dicht, haar door de war, strompelt hij in onderbroek en t-shirt naar de wc. Dit zijn van die momenten dat je hem niet moet storen. Als Ruud opstaat, waarschuwt zij hem dat hij zijn zender om moet doen. Zuchtend en steunend haalt hij de zender op uit de slaapkamer. “Ik werk voor Big Brother, dat wisten jullie nog niet hè”, zegt Karin lachend.

Maurice gewond

Ook vandaag wordt er in de middag flink geoefend op de weekopdracht. Bij veel wil het maar niet lukken. Karin en Cyrille proberen met behulp van bezemstelen op de circusbal te lopen. Willem loopt nog steeds in zijn korte broek. Gisteren heeft hij nog in zijn blote buik buiten gevoetbald. “En dat in november!”

Dan slaat het noodlot toe. Tijdens het oefenen met de weekopdracht verstuikt Maurice zijn enkel. Ruud legt hem een rekverband om. Hij moet twee dagen rustig aan doen met de enkel. Hij kijkt ontzettend sip. Nu kan hij niet meehelpen om de weekopdracht met de circuskunstjes te voltooien.

Als de eerste hulp gereed is en iedereen van de schrik is bekomen, trekt Ruud zich met Cyrille terug in de woonkamer. Het is tijd dat ze samen weer een duet opvoeren. Ruud op z’n gitaar. En Cyrille als zangeres. Ze hebben de tekst op papier.

Bart drijft een beetje de spot met ze: “Tekst van niks, jongens. Ik vind de muziek wel aardig, maar de rest.” Ruud heeft dit lied zelf geschreven. Gedreven speelt hij op zijn gitaar. Niet lang daarna roept de weekopdracht weer. Het wordt moeilijk voor de bewoners, want de tijd gaat dringen!

Genieten van het zonlicht

De bewoners liggen op de stretcher in de tuin van het zonnetje te genieten. Het is lekker weer dus een uitstekende gelegenheid om aan een teintje te werken. Bart en Maurice oefenen de trucjes voor de weekopdracht. Maurice wordt hard uitgelachen door de andere bewoners. Het lukt hem niet echt om de diabolo naar zijn hand te zetten. Karin bekijkt ondertussen de blaren op de hand van Anouk. Het ziet er volgens haar nog niet al te goed uit, maar het lijkt te helen.

Gewild tussendoortje

Willem schreeuwt vanuit de keuken dat het tijd is voor een tussendoortje. Hij heeft een pizza gemaakt. Iedereen heeft erge trek want de pizza is in no-time verdwenen. Na het eten oefenen Bart en Ruud de weekopdracht in de tuin. Bart doet een geslaagde poging met de lasso. Hij werpt de lasso om de houten pilaar die in het midden van de tuin staat opgesteld. Het fietsen op de eenwieler heeft hij ook helemaal onder controle, want hij maakt al enkele rondjes door de tuin zonder te vallen. Ook Ruud doet het steeds beter maar of hij het redt voor overmorgen is nog maar de vraag. De andere bewoners laten het afweten. Zij praten er liever over. Dat is minder inspannend.

Karin, Maurice en Willem zijn van mening dat het gevaar voor blessures te groot is. Karin: “Ik zou best wel willen leren fietsen op die eenwieler, maar ik ben als de dood dat ik hard val.” “Volgens mij moeten we van deze opdracht niet al teveel verwachten,” zegt Maurice. “We kunnen net zo goed alvast het boodschappenlijstje maken. Tenminste als je het niet erg vind Karin.” Karin maakt namelijk altijd de lijst. Ondertussen staan Bart en Ruud zich buiten nog in het zweet te werken. Zij lijken de moed nog niet te hebben opgegeven.

Cyrille en Karin zitten ’s middags bij elkaar op de bank. Cyrille heeft het over de tijd dat ze vaak gedichten schreef. “Ik moest een keer voor school een gedicht schrijven. Ik heb toen een gedicht van Whitney Houston vertaald. Daar heb ik toen een ontzettend hoog cijfer voor gekregen. En die leraren van school hadden helemaal niets door. Lachen toch!”

Vliegende schotels

Bart, Karin en Willem vertoeven in de keuken. Om half acht heeft Willem het eten klaar. Hij heeft meer dan twee uur in de keuken gestaan en er kan dus weer een culinair hoogstandje verwacht worden. De bewoners schuiven aan tafel en kijken met nieuwsgierige ogen naar wat Willem uit de oven haalt. Willem heeft een lasagne van kabeljauw en pasta klaargemaakt. Na de pizza van vanmiddag is het een echt Italiaans dagje. Als de dampende ovenplaat eenmaal op tafel staat, maakt Maurice een geintje. Hij heeft iets aan te merken op het eten. Willem bedenkt zich geen moment en pakt het bord en bestek van hem en gooit het op de grond. De andere bewoners schieten in de lach.

Conspiratie-theorieën

Als het eten op is, ontstaat aan tafel een gesprek over de weekopdracht. De bewoners geloven er niet meer in. Karin: “Toch houden wij de kosten van het programma wel laag, want we hebben de weekopdracht alweer niet gehaald. Bart heeft er ook zo zijn gedachten over. “Je zou denken dat Veronica nog winst gaat maken.” Willem: “Dan hoor je ineens dat het programma al vier weken niet meer draait en dat zij ons maar in de waan laten.” Karin kijkt naar Cyrille en Anouk. “Dan hebben ze toch nog twee gekken gevonden”, zegt op een grappige toon. De anderen moeten lachen. Anouk: “Ja, maar wij zitten hier voor de weekvergoeding van fl.500,-.” Willem springt hier op in. ” Nou dan hebben jullie wel pech, wij krijgen fl.1000,-.”

Gespreksronde

Even later komt er een blaadje op tafel waarop een gespreksonderwerp staat dat de bewoners van Big Brother hebben gekregen. De bedoeling is dat de zij aan de hand van het onderwerp een gesprek beginnen. Op dit blaadje staat het onderwerp ‘ouders’. Er volgt een serieus gesprek waar alle bewoners aan deelnemen. (Lees het hele gesprek in ‘News’) Na al het gelach deze avond is er toch ruimte voor een serieuze conversatie.

Als Karin woensdagavond als eerste naar bed gaat, beginnen Bart en Willem nog aan een potje tafeltennis. Karin wil vroeg slapen. Maurice steekt hier echter een stokje voor. Hij kruipt bij haar in bed, er is te lang niet geroddeld. “Zeg die Karin hè,…” begint Maurice. Karin: “Ja, dat oude wijf.” Hierna fluisteren zij elkaar nog ruim een uur allemaal verhalen toe. Als Anouk en Cyrille de slaapkamer inkomen, wordt er nog even gepraat over de nominaties. Anouk: “Ik heb jou ook genomineerd Maurice”, bekent ze. Maurice reageert direct: “Nou gelijk heb je.” Maar uitleggen waarom hij zo denkt, doet hij niet.

“Vinden jullie het nou niet eng morgen?”, vraagt hij opeens. Cyrille: “Het is wel een beetje vreemd.” Anouk bevestigt dit: “Ja, ik weet zeker dat ik morgen onwijs zenuwachtig ben. Met dit soort dingen ben ik altijd heel erg bezig.” Maurice opbeurend: “Nou je hebt het in ieder geval meegemaakt.”

Cyrille: “Op het moment zelf weet ik me niet zo goed te houden. Maar de rest van de tijd voel ik me wel rustig.” Anouk vindt het dan opnieuw nodig om te vertellen dat zij het huis uit wil. “Ik hoop gewoon om heel veel redenen dat ik naar huis kan gaan. Iedereen hier heeft heel veel levenservaring. Daar kan ik wel veel van leren, maar ik krijg ook de behoefte om met mijn eigen vriendinnetjes te praten. Ik mis iedereen heel erg. Maar ik zie het niet als een nederlaag als ik nu het huis moet verlaten. “Maurice: “Nee, het is juist een ervaring. Ik zou het ook niet erg vinden als ik als vierde of vijfde weg zou moeten gaan. Dat heb ik wel gemerkt. Ik ben er nooit vanuit gegaan dat ik win. Ik wil nu gewoon de maximale tijd eruit halen. Ook als ik geen zin meer heb. Soms heb je het wel eens moeilijk, maar je kan er heel veel van leren.”

Comments are closed.