Bewoners klaar met borduren

Bewoners klaar met borduren

Cyrille is trots op de voltooiing van de eerste weekopdracht. Om er iets moois en iets blijvends van te maken, wil ze het borduursel omlijsten. Hiervoor verzamelt ze buiten stokjes en probeert deze op de juiste lengte door te zagen. Het lukt niet helemaal. Misschien is gewoon doorbreken handiger, maar ze blijft volhouden. Mede hierdoor is ze bijna de hele dag zoet met dit klusje.

Anouk doet inmiddels hard haar best om in de groep te integreren. Maar het valt niet mee. Regelmatig staart ze voor zich uit. De anderen zijn ook zo close met elkaar en Cyrille is niet helemaal haar type. Met een grapje probeert ze toenadering te zoeken: “Is de telefoon afgesloten? Hij is de hele dag al niet gegaan.” Maar ook dit helpt niet echt.
Karin en Maurice hebben elkaar weer gevonden. Op de bank liggen ze tegen elkaar en hebben het over hun jeugd. Voor Karin is dat lang geleden: “Het waren de jaren ‘60. Dat was zo’n andere tijd, dat kan ik zelf niet eens begrijpen. Mijn vader werkte, mijn moeder was thuis. Je stopte met werken als je ging trouwen, ook als je nog geen kinderen had, anders was het een belediging voor de man. Dat hield namelijk in dat hij je niet kon onderhouden. Ik vond het wel lekker dat ze altijd thuis was. Ze wachtte op mij met thee en een pennywafel. Gezellig.”

Handoplegging

Cyrille onderbreekt haar werkzaamheden aan het kunstwerk om Ruud een behandeling handoplegging te geven. Ze zweeft met haar hand boven de rug van Ruud. Op deze manier probeert zij pijnen te ontdekken. Cyrille: “Dit kan iedereen voelen, maar je moet er wel voor openstaan.” Ze probeert door haar eigen positieve energie de breuken in het energieveld van Ruud op te heffen. Van tijd tot tijd slaat zij de negatieve energie uit haar hand. Na een kwartier is Ruud compleet uitgeteld.
Nog voor het eten komen de nominaties ter sprake. Maandag is het weer zover. De nieuwelingen vinden het niet leuk, maar Bart benadrukt dat ze niemand wegsturen. “Jij kiest er één. Wij moeten dat allemaal. Maar uiteindelijk kiest het publiek wie er weg moet.” Willem: “Je moet het zo zien, we zijn een grote familie. Je moet kiezen tussen je broer of je zus. Van allebei houd je evenveel.” Anouk: “Een iemand nomineren kan wel, maar twee is echt moeilijk. Ik ben bang dat ik de verkeerde kies, omdat ik nog niet iedereen goed ken. Jullie hebben nu ook spijt dat Martin moest vertrekken.” Iedereen gaat hier op in: “Wij hebben hem niet weggestemd. Wij hebben samen vijf mensen genomineerd.”

Wie van de drie

Het nieuwe vermaak is de tafeltennis. Van het vorige week gekochte gaas is een tafeltennisnetje gemaakt voor op de eettafel. Elke avond wordt er menig titanenstrijd uitgevochten op deze geimproviseerde tafeltennistafel. Ook vanavond willen de meeste tafeltennissen. Karin stelt echter voor om iets gemeenschappelijks te doen. Zij wil ‘Wie van de drie’ spelen. Verschillende beroepen passeren de revue, zoals een vrachtwagenchauffeur, toiletjufrouw en Formule 1-courreur. Ze besluiten het morgenavond te gaan spelen. Ruud: “Ik hoop dat we een krat bier krijgen, zodat we lekker uit ons dak kunnen gaan.”

Comments are closed.